|

Maarse en Kroon
Sinds 1973 is de naam "Maarse en
Kroon" op de bussen in ons vervoergebied vervangen door "Centraal
Nederland".
Toch zegt de naam Maarse en Kroon ook vandaag
nog velen iets.
De één zal wellicht iets minder geestdriftig
reageren dan de ander, maar Maarse en Kroon is dikwijls het onderwerp van
gesprek bij mensen die bij dit bedrijf hebben gewerkt. Velen denken toch met een
zekere warmte aan dit bedrijf, waar zij hun brood verdienden.
Vanzelfsprekend komt men in die gesprekken
vaak op de persoon van de heer Jac. Maarse terecht, de man die het bedrijf
stichtte, het tot grote bloei wist te brengen en het bedrijf internationale
bekendheid gaf.
De tomeloze werkdrift van de heer Maarse,
zijn zich meer dan volledige inzetten voor het bedrijf dat hem lief was, zijn
nog altijd aanleiding voor het vertellen van sterke verhalen, die - al of niet
gekleurd - een markant persoon beschrijven, die dag en nacht op
zijn bedrijf aanwezig was. Ook in de kringen van
mensen die - al of niet beroepsmatig - zich interesseren voor vervoer per
autobus en al wat daar mee te maken heeft, was Jac. Maarse een bekend persoon. Er werd wel beweerd dat hij een betere exploitatie te zien
gaf dan anderen en dat daar aan vooral zijn succes toe te schrijven was. Jac.
Maarse was ook een goed mensenkenner, het gelukte hem steeds weer opnieuw mensen
aan zijn bedrijf te verbinden die zeer toegewijde medewerkers werden.

Wellicht is toch de reden dat in zo'n korte
tijd zo'n groot bedrijf werd opgebouwd het feit dat Jac. Maarse - eerder dan
veel van zijn collega's - besefte dat een klein vervoerbedrijf, al werd het nog
zo goed geleid, niet veel toekomstmogelijkheden had, alleen grote bedrijven
zouden overblijven en Jac. Maarse was bereid grote risico's te nemen om zijn
bedrijf onder de grote bedrijven gerekend te krijgen.
Wanneer we de geschiedenis laten spreken komt
dit element zeer duidelijk naar voren, het is alles expansie wat we zien.
Op 1 februari 1923, met één bus, begonnen op
de lijn Rijnsaterwoude-Leimuiden-Leiden, onder de naam Fa. Wegman, Kroon en Co,
bleek de busdienst levensvatbaar dus kwam er zeer spoedig een tweede wagen in
dienst.

Toen Wegman zich na korte tijd terugtrok ging
het bedrijf Fa. Jac. Maarse en C. Kroon heten, met als vestigingsplaats
Leimuiden.
Met vallen en opstaan breidde het bedrijf uit,
het wagenpark werd groter, het lijnennet telde steeds meer
exploitatie-kilometers en het aantal personeelsleden hield met deze gang van
zaken gelijke tred.

Met vallen en opstaan, ja, want noch Maarse
noch Kroon hadden ervaring met het nog zo nieuwe verschijnsel van
autobusdiensten, alles moest proefondervindelijk worden geleerd.
Op welke trajecten zou een rendabele
exploitatie mogelijk zijn, welke tarieven zouden moeten gelden, welke
dienstregeling was de beste?
Zeer belangrijke vragen voor de jonge
onderneming was ook de vraag naar het beste materiaal dat gebruikt kon worden.
Welk merk en welke soort wagens moesten worden
gekozen? Zwaardere, dus duurdere wagens in aanschaf en exploitatie voor de
hoofdlijnen en lichtere, goedkopere voor de andere lijnen? Moesten bussen snel
worden vervangen door nieuwe modernere of moest degelijk materiaal gekozen
worden dat jaren betrouwbaar kon worden gebruikt?
Alles moest worden uitgezocht en geprobeerd en
natuurlijk waren de antwoorden op al deze vragen, bij de heren Maarse en Kroon
niet altijd precies dezelfde.
De ondernemers kwamen ook te staan voor vragen
als: moeten we zelf repareren of dat werk uitbesteden, aan welke eisen moeten
personeelsleden voldoen, welke lonen moeten worden betaald en ook op al deze
vragen moesten telkens weer antwoorden komen.

Omdat Jac. Maarse steeds probeerde het bedrijf
maar uit te breiden, moest er ook telkens nieuw geld in het bedrijf worden
gestoken, kapitaal waarvan niet kon worden gegarandeerd dat het zonder enige
twijfel reuze winsten zou opleveren.
Toen in de loop van 1926 de autobusdienst
Bennebroekerweg-Aalsmeer-Amstelveen-Amsterdam te koop kwam werd per 1 januari
1927de N.V. "Autobusonderneming" te Amstelveen opgekocht van de heren J.J. Poort
en J.P. SIoothaak.
Vanaf dat moment hadden de heren Maarse en
Kroon dus twee autobusbedrijven de Fa.Jac. Maarse en C. Kroon en de N.V
"Autobusonderneming" te Aalsmeer.

In 1933 kwamen alle goederen en ook de
vergunningen voor de autobusdiensten te staan op naam van de N.V.
"Autobusonderneming" (dir. Maarse en Kroon) te Aalsmeer. In de zomer
van 1947 werd deze naam veranderd in: N.V. Autobusonderneming Maarse en Kroon,
te Aalsmeer.
Zonder alle uitbreidingen van diensten en
overnames van bedrijven of van trajecten die eerst door anderen werden gereden
te noemen, mag worden vermeld dat per 1 januari 1936 een grote uitbreiding
plaats vond door overname van het lijnennet in de Haarlemmermeer van de Fa. J.H. van Kalmthout
en P. v. Niel te Hoofddorp, met lijnen vanuit de Haarlemmermeer naar Amsterdam
en Haarlem een transactie die direct te maken had met de voor genomen opheffing
van de spoorlijnen in de Haarlemmermeer.
Een zeer belangrijke uitbreiding van het
bedrijf vond plaats per 1 januari 1939, toen het gehele bedrijf van de N.V. M.v.
Poelgeest te Amstelveen werd overgenomen, met de lijnen van Amsterdam naar
Schiphol, Amstelveen en Ouderkerk aan de Amstel.
De Commissie Vergunningen personenvervoer
oefende daartoe sterke drang uit, zij was voorzichtig begonnen
streekvervoersbedrijven te stimuleren en Maarse en Kroon leek een geschikt
bedrijf voor deze ideeën.
Van Poelgeest wenste echter geen lijnen af te
staan, het was alles of niets, het hele bedrijf met bussen en reisbureau en het
toerwerk alles moest worden gekocht of de zaak ging niet door.

Foto: John van Woerkom
Directeur Kroon vond het risico te groot,
wellicht ook vond hij reeds veel eerder de expansiedrift van zijn compagnon niet
zo leuk en hij liet zich als mede-eigenaar en directeur uitkopen en op 1 januari
1939 kwam Jac. Maarse dus als enig directeur aan het hoofd van het op die dag sterk vergrote
bedrijf te staan. Achteraf bleek de overname van het bedrijf van
v. Poelgeest zeer succesvol te zijn,
Maarse en Kroon ging nu sterk meetellen op
toeringcargebied een tak van het autobusbedrijf dat bij Maarse en Kroon ook wel
belangrijk was geweest maar in grootte toch ondergeschikt aan de lijndiensten.
Helaas was 1939 een jaar van grote
onzekerheden en een sterk wisselend vervoersaanbod. Oorlogsgeruchten en de
mobilisatie deden het toerwerk in één klap in elkaar storten, waar tegenover
nieuw vervoer ontstond van militairen.
De oorlogsjaren waren zeer moeilijk voor de
vervoersbedrijven, steeds minder brandstof was beschikbaar, gasgeneratoren,
banden en onderdelen gebrek, vordering van bussen, tewerkstelling van personeel
in Duitsland en uiteindelijk het volledig stilleggen van het bedrijf en het onderduiken van velen,
waaronder directeur Jac. Maarse, het waren allemaal nare zaken.

Na de bevrijding in 1945 ging alles eerst
uiterst moeizaam, door gebrek aan alles wat maar nodig was om een busdienst te
onderhouden, maar al gauw groeide en bloeide het bedrijf als nooit te voren.

De uitbreiding van de bevolking, de grotere
reismogelijkheden door gestegen welvaart, de uitbreidingen van Schiphol, in
latere jaren vooral ook de enorm gestegen vakantietrek naar het buitenland,
bijvoorbeeld met pendelreizen naar Oostenrijk en Zwitserland en tenslotte de uitbreidingen van
het lijnennet met o.a. Utrecht en Woerden, alles met elkaar maakte Maarse en
Kroon groot.
Was na het uittreden van dhr. Kroon Jac.
Maarse de enig directeur van het bedrijf geworden, na de bevrijding kwam zijn
broer W Maarse de directie versterken.

MK bus 127 uit de zomer van 1959. Het jongetje rechts is
Jos Wiersema in spannende afwachting van het schoolreisje. Het begrip
Maarse en Kroon betekende voor hem: Schoolreisje en naar zwemlessen.
Opnamelocatie Geulstraat 9 te Amsterdam. Foto: Jos Wiersema van
www.amsterdamsetrams.nl.
W. Maarse werd vooral belast met de externe
zaken, zoals betrekkingen met vergunningverlenend gezag, met gemeenten,
provincies en rijksoverheid, met alles wat met de bedrijfsgebouwen en de
uitbreidingen daarvan te maken had en met het meedoen in het bestuur van de Ned. Vereniging van
Transportondernemingen, de werkgeversvereniging die graag een heer Maarse in het
bestuur had. Jac. Maarse bleef liever wat op de
achtergrond, hij bleef het liefst betrokken bij het wel en wee van het
autobusbedrijf Maarse en Kroon als zodanig.

Trouwbus van John van Woerkom in Amersfoort Foto: John
van Woerkom
De bouw van nieuwe autobussen, de gang van
zaken in het bedrijf, de omgang met personeel, de technische kant van het
bedrijf enzovoort waren voor hem interessanter dan allerlei officiële dingen,
die hij graag aan zijn broer overliet, mede uit tijdsgebrek.
De broer, W. Maarse, is op kundige en
bedachtzame wijze in die sfeer werkzaam geweest en heeft daarnaast zich ook
intensief met het eigen bedrijf bemoeid en zo hebben de beide broers samen het
bedrijf verder uitgebouwd en groot gemaakt en daarbij zeer behoorlijke
financiële resultaten geboekt.
Op 1 februari 1962 werden tot directeuren van
Maarse en Kroon benoemd de heren Mr. H.A. Hoed en W G. Maarse Jac Zn, welke
laatste reeds sinds 1 november 1961 als adjunct-directeur was benoemd. De oprichter van het bedrijf, de heer
Jac. Maarse, vormde samen met zijn broer W. Maarse ("de architect") en de
heer J. Flink, vanaf die datum de Raad van Bestuur. De nieuwe directie kreeg een goed lopend
bedrijf te besturen en alles leek er op dat het bedrijf een zonnige toekomst
tegemoet ging.

Helaas zou er spoedig een grote verandering
komen.
De totaal veranderende maatschappelijke
omstandigheden zouden een grote bedreiging voor vervoersbedrijven en dus ook
voor Maarse en Kroon worden.
De particuliere auto kwam het de
vervoersbedrijven moeilijk maken en de overheid moest tenslotte de verliezen op
de lijndiensten voor haar rekening nemen om een autobusnet in stand te kunnen
houden.
Hoewel Maarse en Kroon niet tot de eersten
behoorde moest ook dit bedrijf bij de overheid aankloppen voor dit doel. De bedrijfsvoering werd hierdoor nogal
moeilijk, allerlei voorschriften beperkten de vrijheid van de ondernemer, om
subsidie verkrijgen voor de verliezen op de lijndiensten moesten allerlei kosten
en baten van lijndiensten, groepsvervoer en, toeringcarritten en reisbureaus scherp uit elkaar worden gehouden.
De overheid vergoedde natuurlijk alleen de
verliezen op de lijndiensten, die volgens een goedgekeurde dienstregeling werden
uitgevoerd en ook in dit opzicht werden de touwtjes steeds sterker aangehaald.
Het werd tijd te overwegen of men zo door zou
kunnen gaan of andere wegen moest zoeken. Bijvoorbeeld zou men de lijndiensten
af kunnen stoten en als toeringcarbedrijf verder gaan, een gedeelte van de
bedrijfsgebouwen zou men kunnen inrichten als garagebedrijf, men zou agent of
misschien importeur van een vrachtwagenmerk kunnen worden of iets dergelijks.
Het is er niet van gekomen, het bedrijf werd
in zijn geheel verkocht aan de enige kandidaat-koper, het concern van de
Nederlandse Spoorwegen, die reeds het grootste gedeelte van de Nederlandse
vervoersbedrijven geheel of gedeeltelijk in handen had en ook graag Maarse en
Kroon daar bij wilde betrekken. Bovendien waren de N.S. ook de enigen die een
groot kapitaal in een op dat moment verliesgevend bedrijf wilden steken, terwijl
er nog geen uitzicht was op betere financiële resultaten bij dit soort
ondernemingen.
Per 1 januari 1971 kwam de verkoop tot stand
en werd Maarse en Kroon een dochterbedrijf van de Nederlandse Spoorwegen.
Het nieuws dat Maarse en Kroon door de
Spoorwegen was gekocht bracht een golf van medegevoel te weeg bij de inwoners
van Aalsmeer en veel anderen die dit bedrijf een goed hart toedroegen.

Het personeel reageerde met nogal
tegengestelde reacties. "Het is jammer, maar het kon nu eenmaal
niet anders", "je houdt het toch niet tegen, Maarse en Kroon heeft het
toch al zeer lang uitgehouden als je naar veel andere bedrijven kijkt"
"Het is jammer voor de familie Maarse, voor ons zelf moeten we maar
afwachten", "Waarom niet geprobeerd meteen toeringcarbedrijf, een
vrachtwagenbedrijf, garage-activiteiten, enzovoort?"
Bij verdere concentratie in juni 1973 werd de
exploitatie van de bedrijven N.V. Maarse en Kroon te Aalsmeer en N.V Nederlands
Buurtvervoer Mij. te Zeist voortgezet door een nieuwe N.V Centraal Nederland.
Maarse en Kroon leidt nu nog een papieren
bestaan, de naam is van de autobussen verdwenen en noch in het buitenland, noch
in Nederland is die oude zo vertrouwde naam nog te zien.
Toen in 1973 het nieuws bekend gemaakt werd
dat Maarse en Kroon en de NBM samen Centraal Nederland zouden gaan vormen en geheel als
één bedrijf naar buiten zouden optreden en dat ook de bedrijfsvoering geheel
centraal zou worden, was er bij het Maarse en Kroon personeel eerst even een
doffe berusting, in de trant van "We kunnen toch niet tegen
"Utrecht" . de Nederlandse Spoorwegen, op, maar al spoedig kreeg de
verontrusting de overhand.
Wat is de toekomst van Aalsmeer en
Leimuiden,
wie worden de leidinggevende figuren, wie en wat blijft in Aalsmeer en Leimuiden,
wie en wat wordt geconcentreerd in Zeist of Utrecht. het waren allemaal bange
vragen en de antwoorden op deze vragen waren niet altijd voor een ieder
aangenaam.
De praktijk heeft geleerd dat veel zaken mee
zouden vallen, andere werden voor de betrokken personen teleurstellingen, maar
voor veel oud-Maarse en Kroon'ers betekende het werkzaam zijn bij CN toch een goede
boterham.
Altijd zullen fusies moeilijkheden in het
persoonlijk vlak opleveren en altijd zal het verleden ietwat rooskleuriger
lijken dan het in werkelijkheid wel was.
Maar de tijden veranderen snel, dat kunnen
personeelsleden van vervoerbedrijven telkens weer constateren.
Waar is de tijd gebleven dat
Leyland-autobussen, voorzien van Verheul-carroserieën het leeuwendeel van de
lijndienstwagens bij veel bedrijven uitmaakten, zoals dat ook bij Maarse en Kroon
was?
Waar bleven scheurkaartjes, Beckson
plaatskaarten, waar bleven chauffeurspetten, rijglaarzen, waar bleven bussen met
benzinemotoren enz. enz.
Al deze dingen kunnen nostalgische gevoelens
oproepen.

Het vlaggenschip van Maarse & Kroon Foto: John van
Woerkom
Dat doet het ook bij veel oud-Maarse en
Kroon'ers, die
nog vaak terugdenken aan die "goeie ouwe tijd" van Maarse en Kroon,
een tijd die echter niet altijd zo "goed" is geweest, iets wat we ook
allemaal wel weten.
Vaak zullen de gedachten van veel
oud-chauffeurs naar de "toer" terug gaan. In 1934 behoorde Maarse en
Kroon tot de oprichters van Cebuto, het Centraal Bureau voor touringcarreizen,
maar reeds veel eerder "toerde" men, deed school- en
verenigingsreisjes en personeelsuitstapjes.
De eerste buitenlandse reizen maakte Maarse en Kroon
reeds in 1927, toen men voor een Aalsmeerse kweker personeelsreisjes naar
België uitvoerde. Voor die reisjes werd steeds bus 6 gebruikt, een Unic-bus met
Verheul carrosserie voor 19 personen, een fraaie wagen, de eerste van de vele
die Verheul voor Maarse en Kroon zou bouwen.
Na de oorlog kwam het toerwerk in een
stroomversnelling; vooral het rijden op het buitenland nam enorm toe.
In de jaren '50 was het aantal
toervergunningen reeds tot 40 gestegen, in 1961 werd dat 44, in 1965: 54 en in
1969 behoorde Maarse en Kroon met 60 toervergunningen tot de 5 grootste bedrijven van
Nederland.
Er werden, naast veel reizen, ook zeer veel
"pendelritten" gereden, voornamelijk naar Oostenrijk en Zwitserland,
voor diverse reisbureaus. De "Netherlands Trans European Buslines",
populair gezegd de Transbus, een bedrijf waarin Maarse en Kroon deelnemer was, deed veel Rome-reizen en daarnaast ook
veel langdurige tochten door heel Europa, voor chauffeurs vaak een interessant
gegeven.
Ook de latere deelname in de "Coach-groep
Holland" bracht de naam Maarse en Kroon in binnen- en buitenland veel
bekendheid.
De gedachten zullen toch ook altijd uitgaan
naar Jac. Maarse de man die zich dag en nacht voor zijn bedrijf inzette en daar
zeer nadrukkelijk aanwezig was, maar soms zeer onnadrukkelijk en dan toch z'n
blikken liet rondgaan en alles zag, soms tot verdriet van bepaalde
personeelsleden.
Maarse en Kroon zal toch voor velen nog heel
lang iets zeggen.
We hopen dat dit geschriftje u daarbij een
ruggensteuntje kan geven.
Dit verhaal werd geschreven in een boekje dat
werd uitgebracht tijdens een Reünie van oud medewerkers op 16 maart 1990 (met
dank aan Johan Vergunst Exploitatiemederwerker connexxion te Boskoop)

Geschiedenis
van het lijnennet
-
Cijfers en feiten
De Maarse & Kroon SVA
Bussen
‘De
auto, dat is voor ons de doodklap geweest’
|