BUSBESTAND UITBREIDING



In het jaar van de Olympische Spelen, 1928 werd het busbestand van HTM uitgebreid door de aanschaf van 6 nieuwe Minerva-bussen die de serie 29 t/m 34 vormden.
Dit jaar betekende voor 4 Scemia-bussen het einde waardoor de sterkte aan HTM bussen tot 30 steeg.
Het hoofdkantoor van HTM was gevestigd in het pand aan het Bezuidenhout 23a.
Wat de overige gebouwen betreft, waren voor het stadstramwegnet 3 remises aanwezig, een centrale werkplaats en een werkplaats voor railbewerking.
Voor de intercommunale lijnen stonden remises met depôt-werkplaatsen aan de Delftweg en te Wassenaar ter beschikking.
Het autobus-materieel was ondergebracht in een tijdelijke loods op het terrein van de remise aan de Delftweg.

Het eindpunt van de intercommunale tramlijn Den Haag-Delft aan het Huygensplein werd in 1927 verlegd naar het Plein en voorts werd in verband met de uitbreiding van het autobus-wagenpark met 14 Minerva's/ARM bussen, de tijdelijke garage aan de Delftweg verlaten.
De voormalige stoomtramremise aan de Rijswijkseweg werd toen verbouwd en als autobusgarage in gebruik genomen.


Een van de weinig prentjes van de autobusgrage in de 20-tiger jaren in de voormalige stoomtram remise aan de Rijswijkseweg. Dit was de eerste autobusgarage van HTM. Geheel rechts op de foto de CAB-ZHAM nummer 8, de tourwagen van destijds.


In het jaar 1929 begon HTM met de uitvoering van rondritten in Den Haag.
Deze diensten werden gereden door bussen van het tourwagentype, die HTM in dat zelfde jaar aanschafte.
Het was de busserie 51 t/m 55 met in 1930 een aanvulling van de bussen 56 t/m 60.
Het waren waarlijk "luxe" bussen. De motor en het chassis werden geleverd door Minerva Autotraction in België, de karrosserie door de Amsterdamse Rijtuig Maatschappij.
De serie 51 t/m 55 had 28 zitplaatsen, serie 56 t/m 60 had 32 stoelen. De banken waren zo geplaatst dat ieder altijd vooruit reed.
Alle ruiten konden zakken en mochten door het publiek worden neergelaten.
Het dak van deze luxe bussen kon over 20 zitplaatsen worden weggeschoven. Door een ingenieuze vinding van de heer Dolk, toenmalig hoofd van de autobusdienst, schoven de dakplaten, van Dur-aluminium, over elkaar, boven het allergezelligst gesloten cabinetje voor 8 personen, dat in het achterste deel van de wagens was aangebracht en door openslaande deuren van het overige deel gescheiden was.
De tochtvrezende kon zich daar heerlijk terugtrekken; er was zelfs een tafeltje om een boek op te leggen of een brief te schrijven.

De eerste rondrit van het Plein naar het Kushaus was op 21 juli 1929.
De prijs was ook waarlijk een ‘LUXE' te noemen, namelijk 25 cent per rit.
En...voor die prijs kreeg men wel waar voor z'n geld; er werd gereden langs de mooiste plekjes van Den Haag en Scheveningen, onder andere langs de waterpartij. Boulevard, vissershaven en terug via het deftige Statenkwartier, Paleis Noordeinde terug naar het Plein.

 

(c) OV in Boskoop - Alle rechten voorbehouden-Overname in gedrukte of digitale vorm zonder toestemming niet toegestaan