|
Aardrijkskunde is niet mijn sterkste kant…
Mijn tweede deel begon al lekker afgelopen week…
Ik loste een collega af op lijn 130(Rotterdam Zuidplein – Oude Tonge).
Bij het uitstappen van deze collega vroeg ik hem: Joh.. Ehhh… misschien een rare
vraag,
maar ehh… Als ik nu leeg van Oude Tonge naar Stellendam moet, kan ik toch de N59
op en dan kom ik toch direct bij Stellendam?!
Zonder twijfel zei hij: Jah, dat klopt.
Vol goede moet ging ik op weg, en nadat mijn laatste passagier op Oude Tonge de
bus verliet ging ik verder. Ik had nog 20 minuten om op Stellendam te komen…
Ik draaide de N59 op en gaf flink gas. Na een tijdje begon ik te twijfelen.
Zeker nadat ik een bordje ‘Provincie Zeeland’ tegen kwam. Ook het
Grevelingenmeer vond ik zo raar aan mijn linkerkant liggen…
Nog meer twijfel kwam er boven drijven toen Bruinisse, Oosterland en NIeuwerkerk
voorbij kwam schuiven.
Mja… Aardrijkskunde was niet mijn sterkste kant.. En zo belde ik de
verkeersleiding op en vroeg in eerste instantie of ze zo vriendelijk wilden zijn
niet te gaan lachen.
Stilzwijgend werd dit geaccepteerd en vertelde dat ik een beetje de weg kwijt
was.
Letterlijk of Figuurlijk maakte op dit moment niet uit…
Het bleef akelig stil aan de andere kant toen ik mijn verhaal vertelde. Even
erna kreeg ik het advies om toch maar door te rijden en te wachten tot Renesse.
Na heel wat kilometertjes extra kwam ik langs Zierikzee en veel later waren er
weer borden Renesse.
Hier was ik wel weer bekend omdat ik daar met lijn 104 (toen nog gereden vanuit
Stalling Brielle) reed. Nu was het snel gevonden en verbazingwekkend was ik maar
5 minuten te laat toen ik langs Ouddorp ‘De Punt’ kwam.
Maar dat zul je altijd zien… Heb je haast komt er een 45 kilometer wagentje voor
je rijden, en een tractor… En blijven alle stoplichten spontaan op rood staan.
Na wat ergernissen kwam ik uiteindelijk tien minuutjes later aan op mijn
beginhalte.
Het maakte mij niets uit. Ik had een leuk ritje achter de boeg die ze mij niet
meer af konden nemen.
Maar de eerste passagier die bij me binnen stapte had het niet zo breed. JE BENT
TE LAAT galmde het door de bus.
Ik keek haarverbouwereerd aan en zei met een zacht stemmetje (nog van de schrik
dat ze zo schreeuwde) dat ik verkeerd was gereden. Ik weet ook niet alles! Ik
ben Superman niet!
Mja… ze moest er wel om lachen toen ik dat zei. Foutje is menselijk…
Maar, fijne collega, of ik jou in het vervolg nog serieus moet nemen weet ik
niet…
Overigens was ik op mijn eindbestemming Rotterdam Zuidplein weer keurig op tijd…
|